Tijd voor integratie

Ik heb al eerder een blog geschreven over het gebruik van ICT in het onderwijs (zie Dagje NOT 2011). Als leerkracht heb je momenteel de keuze uit een enorm aanbod aan software om je onderwijs te ondersteunen en/of te verrijken. Kijk ik naar mijn eigen school en klas dan heb ik nu de volgende mogelijkheden:

- Parnassys (administratie leerlingen en cijfers)
- Schoudercom (communicatie met ouders in plaats van email)
- Leskompas (handige verzameling tools/filmpjes voor mijn lessen)
- Yurls (verzameling websites voor leerkrachten en leerlingen)
- Gynzy en Bordwerk (digibordtools)
- Methodesoftware (voor leerlingen en uitbreidingsmateriaal voor leerkrachten)
- Teleblik / KlasseTV / SchoolTV beeld
- Acadin

Daarnaast zou ik graag willen hebben:
- Kieskast online (handige tools voor leerlingen)
- ED*IT
- ELO (bijvoorbeeld Ello:2 of mijnklas.net)
- Weektaakplanner (om voor mijn leerlingen een weektaak te laten aanmaken)
- Klasseplan (zelfde als weektaakplanner maar met groepsplannen)
- CTech (ondersteunend materiaal voor leerlingen)
- Een roostermaker
- Misschien nog andere software zoals Rekentuin en Ambrasoft?

Maar wat ik vooral wil is een geïntegreerd pakket! Klaar met alle inlogcodes, wachtwoorden, het invoeren en overnemen van gegevens. En het schijnt mogelijk te zijn, tenminste voor het VO heb ik al iets gevonden waarin integratie van verschillende onderdelen al mogelijk is (Schoolmaster).

Het zou zo fijn zijn je rooster te kunnen maken, vervolgens taken voor leerlingen klaar te zetten (mogelijk gebaseerd op handelingsplannen) binnen de verschillende softwarepakketten. Daarna resultaten uit te kunnen lezen. Of lesmateriaal klaar te zetten in het rooster voor het digibord of andere ICT hulpmiddelen. Of… wil ik nu teveel?

 

Collectief praktijkonderzoek (vervolg)

Voor de master Leren en innoveren zijn we september 2010 gestart met een collectief praktijkonderzoek. Als team hebben we de ambitie ICT komende jaren duidelijk in de klas te zetten. Speerpunten: zorg en ICT, klassenmanagement en ICT en ICT leerlijnen voor de leerlingen.

Inmiddels is Zorg en ICT bijna afgerond. De werkgroep heeft een aantal producten bekeken die binnen de zorg gebruikt kunnen worden. Zo wordt gedacht aan de Rekentuin voor rekenen en mogelijk Ambrasoft. Voor de kleuters zoeken we nog iets op het gebied van rekenen. Inmiddels heb ik de werkgroep ook nog even laten kijken naar Kieskist online, wie weet zitten daar mogelijkheden om binnen de zorg te gebruiken.

De ICT leerlijnen zijn in april gestart, deze werkgroep heeft zich verdiept in de theorie. Daarnaast hebben ze enkele bestaande leerlijnen bekeken en wordt nu vastgesteld aan welke eisen onze leerlijnen moeten voldoen. Hiervoor zullen binnenkort vragenlijsten worden samengesteld voor leerkrachten, ouders en leerlingen. Aan de hand van deze resultaten, kunnen de ICT leerlijnen bepaald worden en mogelijk in de loop van het schooljaar 2011-2012 voorzichtig ingezet worden.

Dit alles zal wel invloed hebben op ons klassenmanagement. Vandaar dat we ook bezig zijn met het bekijken hoe wij ons klassenmanagement en ICT kunnen veranderen. Veel leerkrachten hebben moeite ICT in de klas in te zetten binnen het huidige klassenmanagement. Zo zijn we nu aan het onderzoeken of dagtaken een mogelijkheid is om ICT beter te integreren in het onderwijs. Zelf heb ik met vormen van circuits geëxperimenteerd, met vallen en opstaan heb ik de (on)mogelijkheden ontdekt.

Aan het begin van het nieuwe schooljaar worden alle resultaten van het CPO gepresenteerd aan het team en een beleid vastgesteld hoe we komende jaren ICT in ons onderwijs kunnen integreren. Hoe zetten we ICT in binnen de zorg en wat gebruiken we hiervoor? Op welke wijze maken wij onze leerlingen vaardig op het gebied van ICT? En welke veranderingen moeten er dan plaatsvinden binnen het klassenmanagement?

Als model ga ik TPACK gebruiken om leerkrachten te stimuleren ICT daadwerkelijk in de klas in te zetten. Collectief en gebruik makend van actieonderzoek in de klas. Een hele uitdaging!

Je hebt van die dagen…

En dit was zo’n dag! Nietsvermoedend stond ik op tijd op en vertrok ik ruimschoots op tijd richting school. Nog steeds geen enkel vermoeden dat de dag even anders zou verlopen dan ik in gedachte had. Nou ja, ik wist dat er een activiteit voor de leerlingen gepland was in de gymzaal, en dan iets met rook… dat zou dus voor enige onrust in de groep kunnen zorgen. Deze leuke activiteit was verzonnen voor de verjaardag van onze directeur en adjunct.

Tot 9 uur verliep alles zoals alle andere maandagen. Lezen, kinderen op weg helpen waar de tutor niet van kwam opdagen, tutoren wegsturen waarvan de lezer ziek was etc. Opruimen, kringgesprek… geen vuiltje aan de lucht. Het begon ook met de taalles. Per abuis een hoofdstuk te ver voorbereid waardoor de klas al gelijk van slag was. Met wat moeite de groep toch aan het werk kunnen krijgen met de les uit het volgende hoofdstuk, “dan hebben we die alvast gedaan”.

Daarna rekenen… even de taalles afronden, boeken opruimen en rekenspullen pakken. Blaadjes uitdelen voor toets Tafel van 8 en klaar om te starten. Bezoek… de groep wordt na de pauze in de gymzaal verwacht. Fijn weten we waar we aan toe zijn toch? Uiteraard tientallen vragen, ja na de pauze nu eerst rekenen! Daar gaan we… bezoek… met de eerste traktatie. Zucht, iedereen een spekkie en een dropveter. En wat zeggen we dan, “dank u wel meester!”. Fijn, de tafel van 8!

Dan volgt er een hoop herrie en staat iedereen in no-time hand in hand voor een brandoefening! In een wereldrecord “brandoefening” staat groep 5 op het plein, op de juiste plek (verdorie BHV-jasje hangt nog binnen) en is iedereen present. Maar waar is de rest van de school? Ah gelukkig daar is groep 1/2 en de conciërge. “Sorry, sorry, foutje geen oefening je mag weer terug naar de klas!”. Licht rode vlekken in de nek, maar goed we gaan weer naar de klas. Iedereen zit, kost wat moeite uiteraard, weer vragen of we al naar de gymzaal gaan, kijk op de klok, moet net lukken om de toets Tafel van 8 voor de pauze af te ronden. Maar kan dat alarm niet even uit! Na 5 ontzettende lange en lawaaierige minuten werd het eindelijk stil. Nou daar gaan we, Tafel van 8! Hoera, traktatie 2 volgt, bitterballen! Zuchtend dan maar het voorleesboek gepakt en de groep om 10.00 uur naar buiten voor het speelkwartier.

Ik zal het verdere verloop van de dag maar voor mij houden. Het is me gelukt de toets Tafel van 8 voor 12 uur af te nemen, zelfs nog herhalingsbladen van rekenen te maken en te luisteren naar een spreekbeurt. Dat tussen nogmaals het plein op om te zingen, nog een traktatie, de uitleg van waarom er nu alarm af ging, de activiteit in de rook in twee groepen en een spreekbeurt. Daar tussendoor de getwitterde tips van @eljee59 (buikademhaling) opgevolgd waardoor ik bijna aan de hyperventilatie ging.

En ‘s middags? Ach, een spellingsles die allang gemaakt bleek te zijn nogmaals uitgelegd (herhalen kan toch geen kwaad?) en een video die niet op wilde starten… moet kunnen toch? En om 16.00 uur je broodtrommel in je tas tegenkomen, vandaar dat gerommel in mijn buik!

Maar goed, het was prachtig weer en morgen is er weer een nieuwe dag!

Digitale oudercommunicatie

In augustus 2004 stond ik dan eindelijk echt voor klas. Na 12 jaar ICT iets heel anders, 15 leerlingen voor mijn neus die ik dagelijks taal en rekenen mocht geven. Na een jaar moest ik deze school verlaten maar ik vond heel snel een baan op de school waar ik nu nog steeds werkzaam ben. Voor ik het wist was ik gelijk ICT-coördinator, stom moet je maar ook niet in je cv vermelden dat je 12 jaar ICT ervaring heb. Alhoewel, het is en blijft een leuke taak om de ICT op school te beheren.

Het eerste jaar stond ik er nog niet zo bij stil, communicatie met ouders. Dat ging in eerste instantie gewoon mondeling, met de welbekende briefjes en het prikbord voor de klas. Al snel realiseerde ik mij dat niemand nog mail gebruikte om met ouders te communiceren. Het tweede jaar ben ik daar wel mee begonnen. Er klonk nog geen gejuich binnen het team maar goed, wie weet als de bekende schaap over het dammetje gaat.

De ouders waren al snel wel erg enthousiast. Wekelijks mailde ik mededelingen, activiteiten en allerlei andere nuttige zaken. Snel een afspraak maken, kort een antwoord geven op een vraag van een ouder, het scheelde een hoop tijd. Soms ging het niet helemaal goed, per abuis een cijfer van een leerling aan alle ouders verzonden. Gelukkig namen de ouders dat sportief op en wist ik dat er dus ook beperkingen zijn met wat wel en niet kan met het mailen. Nu gebruiken de meeste leerkrachten bij ons op school het mailsysteem om met ouders te communiceren. Mijn prikbord is inmiddels leeg, maar ik vroeg me eigenlijk al af welke vader of moeder dat nog zou bekijken…

Dit jaar ben ik gestart met een nieuw systeem, schoudercom.nl. Dit staat voor SCHool OUDer COMmunicatie. Doelstelling is om de communicatie tussen ouders en school te bevorderen. Heel toevallig liep ik daar via twitter tegenaan. In eerste instantie stond ik nog een beetje sceptisch tegenover dit systeem, zoveel voordelen boven mailen met ouders had het nog niet. Er was een kalender, je kon rollen aan ouders geven, handig maar nog weinig voordelen boven het bekende mailen.

Maar al snel werden er zeer nuttige opties toegevoegd aan dit systeem. Distributielijsten aanmaken, je post in mapjes bewaren, enquêtes maken en helemaal handig, het automatisch plannen van 10 minutengesprekken. Hierdoor wordt schoudercom een systeem met zeer veel voordelen boven het alleen kunnen mailen van berichtjes aan ouders.

Zelf gebruik ik nog niet alles van schoudercom. Hierdoor zien niet alle ouders het voordeel in van het programma. De reacties zijn wisselend. Zo vinden een aantal ouders het handig te gebruiken omdat alle berichten in 1 omgeving terechtkomen. Daarnaast geeft het hun een omgeving waarbinnen zij met andere ouders kunnen communiceren zonder steeds de mailadressen op te zoeken. Ook de kalender wordt als zinvol beschouwd. Anders ouders vinden het lastig dat zij naar een aparte omgeving moeten om de berichten te lezen. Deze reactie komt een beetje doordat ik nog niet alles binnen het systeem gebruik.

Inmiddels ben ik overtuigd van het nut van schoudercom. Het systeem blijft zich steeds verder ontwikkelen, er staan nog een aantal zinvolle opties in ontwikkeling. Binnenkort hoop ik mijn team mee te kunnen nemen met schoudercom waardoor het handmatig plannen van de 10 minutengesprekken tot het verleden gaat horen.

Speel!

Maandag 28 februari, direct na de voorjaarsvakantie, mocht mijn groep zich een dagje vermaken op Speel! We waren door Lex Hupe, de organisator van het evenement, uitgenodigd om daaraan deel te nemen. Na een autorit van nog geen uur kwamen we op tijd aan in Diemen, locatie Hogeschool In holland, voor de opening.

Deze bestond uit een leuke activiteit waarbij de kinderen, en begeleiders, werd gevraagd naar het meest bijzondere leermoment. Voor groep 5 best een opgave maar daar kwamen ze best uit! Ook ik werd ondervraagd, helaas moest ik daarbij mijn zwaar beveiligde geheim prijsgeven… na jaren 18 te zijn geweest moest ik nu mijn echte leeftijd opgeven. Uiteraard wist binnen 10 minuten heel Diemen dit geheim. Na het interview werd door iedereen een kloppend hartje in het midden van de zaal gelegd.

Na de opening gingen de kinderen naar de workshops. De vrijdag voor de vakantie mochten ze zelf 3 favorieten uit het aanbod kiezen, uiteraard had ik 21 deelnemers voor huttenbouwen en maar 3 plekjes. Dat werd loten en puzzelen met het indelen. Zelf heb ik de workshop met de Swinxs mogen begeleiden. De verschillende groepen van de deelnemende scholen waren al snel gezamenlijk aan het spelen. Een mooi voorbeeld hoe makkelijk kinderen met elkaar omgaan.

Van de andere workshops heb ik niet veel gezien. Ik was ook uitgenodigd een korte presentatie te houden hoe wij op onze eigen school ICT inzetten als middel om kinderen op een speelse manier te laten leren. Van de kinderen hoorde ik dat de workshops leuk waren en dat ze er leuke dingen hadden geleerd. Sommigen wilden graag nog een workshop bezoeken, dat was voor de kinderen helaas niet mogelijk aangezien er nog een gezamenlijk middagprogramma was. Na de lunch, aangeboden door de organisatie, hebben de kinderen zich vermaakt met diverse activiteiten.Iets eerder dan gepland, zijn wij weer vertrokken om ruimschoots op tijd te arriveren in Waddinxveen.

Door de verhalen van de kinderen en hetgeen ik heb gezien, heeft het mij weer laten nadenken hoe kinderen ook op andere manier kunnen leren. Spelenderwijs, met andere kinderen werd er plezier gemaakt, geleerd en nieuwe ervaringen opgedaan. Het zet je weer aan denken waarvoor je in het onderwijs werkt, hoe je dat vorm geeft en voor wie je het doet.

Dank aan de organisatie voor deze bijzondere dag!

http://speel.wijsvooruit.nl/

Dagje NOT 2011

Donderdag 27 januari was voor mij de derde keer dat ik de NOT mocht bezoeken. De start was ontzettend leuk met een kennismaking met een aantal vakgenoten die ik ken van twitter. Dat maakt de NOT opeens wel erg bijzonder. Voorheen bezocht je een beurs alleen of met je team en kwam je waarschijnlijk puur toevallig een bekende tegen. Nu was van te voren een afspraak gemaakt bij een stand waar je elkaar kon ontmoeten.

Daarna ben ik de beurs opgegaan. Eerst de stands bezoeken die ik van te voren al had gekozen, daarna gewoon slenterend de diverse krampjes bekijken. Eigenlijk heb ik alleen de hallen bezocht waar ICT en onderwijs centraal stond, de rest vond ik eerlijk gezegd niet zo interessant. Wel even snel een aantal spelletjes gekocht voor een collega en mijn eigen klas maar daarna snel terug naar het ICT gedeelte.

Uiteraard deed ik mee met de verloting om het gratis kleuterdigibord, helaas niet gewonnen. Al dwalend kwam ik bij verschillende softwareleveranciers waar ik demo’s heb bekeken en het praatje heb aangehoord. Leuke en handige pakketten waar ik en mijn collega’s zeker wat aan zouden kunnen hebben. Maar na de 3e demo had ik wel het gevoel dat al die producten op elkaar begonnen te lijken. Afzonderlijk bieden ze allemaal wel iets unieks, maar daarnaast bevatten ze ook functies die eigenlijk in een heel ander pakket thuishoren.

Neem bijvoorbeeld het registreren van absenties van leerlingen. Bijna iedere leverancier biedt dat aan, maar wij doen dat op school in ons eigen administratiesysteem. Ik ga toch echt niet nog in alle andere systemen dat ook nog eens vastleggen! Na een dagje NOT kwam ik er eigenlijk wel achter dat er ontzettend veel op de markt is op het gebied van administratie, lessen samenstellen en communiceren. Als je alles wilt, dan moet je wel een flink aantal pakketten aanschaffen! Erg verwarrend voor leerkrachten die toch niet zoveel met ICT hebben. In systeem A leg je de cijfers vast en kan je de absenten invoeren en bij B maak je een schitterend lesrooster. En in C kunnen leerlingen aan de hand een planning, gemaakt door de leerkracht, hun eigen gang gaan. Resultaten moet je wel even zelf in A invoeren.

Volgens mij heb ik de ICT verlaten op het moment dat binnen het bedrijfsleven alle systemen met elkaar konden communiceren. En dat is denk toch al wel 7 jaar geleden. Het basisonderwijs loopt dus naar mijn inzicht flink achter! Ik snap heus wel dat leerkrachten echt geen zin hebben om alle gegevens 3 of 4 maal in te voeren! En weer een nieuw programma moeten leren om kinderen aan te sturen.

Hopelijk kom ik over 5 jaar de klas binnen, start mijn computer op en zie in 1 systeem dat Jantje nog steeds ziek is en dat leerlingcomputer A.15 gerepareerd is. Daarna lees ik van mijn duopartner dat zij gisteren de rekentoets op de computers heeft afgenomen, de resultaten zie ik uiteraard direct op mijn scherm. Hierbij heeft mijn duopartner niets hoeven te doen. Daarna open ik het dagrooster en kan direct aan de slag. Oh ja, nog even de laatste mededelingen van de directie doornemen, een reactie geven op een berichtje van een ouder en snel nog de agenda aanpassen voor mijn groep. En dat alles in 1 systeem… gekocht na een schitterende demo op de NOT 2015.

TPACK The game in de praktijk

Dit schooljaar wordt op de school waar ik werk een collectief praktijkonderzoek (zie Kennisbank Lectoraat) uitgevoerd met als onderzoeksthema ICT. Het is de bedoeling leerkrachten bewuster te maken van de mogelijkheden die ICT in het onderwijs kan bieden. Dit traject begeleid ik in het kader van de master Leren en innoveren.

Aan het begin van het schooljaar heb ik het team kennis laten maken met het Vier in balans-model van Kennisnet en TPACK (zie mijn vorige blog). Naar aanleiding van het model van Kennisnet kwam men wel tot de conclusie dat wij als school de techniek op orde hadden maar bijvoorbeeld nog geen gedeelde visie op ICT. Dit is overigens ook de titel van mijn onderzoek: Onderwijsinnovaties met ICT, van techniekgedreven naar onderwijsgedreven.

Inmiddels hebben de meeste collega’s de enquête van Vier in balans ingevuld en nu werd het tijd om dieper in te gaan op TPACK. Hiervoor heb ik TPACK The game gespeeld. Het doel was om eens na te denken hoe je de technologie in de klas kan inzetten en welke gevolgen dit heeft voor je onderwijs. Ik had een stapel kaartjes met werkvormen (PK) bv klassikale instructie, groepjeswerk, samenwerken, verwerken etc. Daarnaast een stapel kaartjes met enkele vakken (CK) waaronder rekenen, taal en aardrijkskunde. De stapel kaartjes technologie (TK) had ik gevuld met zaken uit de ICT leskisten (microscoop, webcam, voice-recorder), maar ook een weblog, het digibord en email.

De eerste sessie was om in kleine groepjes een vak te kiezen met een werkvorm en daar de mogelijke technologieën bij te zoeken. In de groepen kwamen leuke discussies op gang wat nu wel kon en wat absoluut niet. Zo ontstond een idee om met email (TK) rekensommen (CK) te mailen naar een andere school en die samen te laten verwerken (PK). Na afloop was de conclusie dat er veel kan met ICT maar dat de deskundigheid van de leerkracht wel erg belangrijk is: begin eenvoudig.

Vervolgens moesten de leerkrachten per tweetal blind kaartjes pakken van elke stapel en daar een les voor verzinnen. Ik had al gewaarschuwd dat daar best vreemde combinaties uit zouden kunnen komen. Maar ook hier werden weer leuke lessen verzonnen die mogelijk in de klas gebruikt zouden kunnen worden.

De volgende stap zou kunnen zijn om leerkrachten deze les, op een eenvoudige manier, in de eigen groep uit te voeren. Zover zijn we nog niet, het doel was eerst om het team bewuster te laten kijken naar de mogelijkheden van ICT binnen een vakgebied en werkvorm. Wie weet wordt de stap naar de praktijk aan het eind van het jaar wel gemaakt.

Leskisten in de praktijk

Na maandenlang verzamelen, uitproberen en ideeën opdoen, was het eindelijk tijd om een deel van de leskisten in de praktijk in te zetten. Uit de taal-, beeld- en natuurknap kisten had ik een aantal middelen gekozen waarmee leerlingen uit mijn eigen groep 5 in tweetallen aan de slag konden gaan. Aangezien de leskaarten nog  niet klaar zijn, heb ik de opdrachten mondeling uitgelegd aan de leerlingen.

Taalknap
De leerlingen moesten een aantal vragen bedenken voor de directeur van de school. Met een voicerecorder mochten ze het interview opnemen. Dit apparaatje is redelijk eenvoudig te bedienen, zeker toen ik zei dat het eigenlijk een soort MP3-speler was. Na even uitproberen konden de leerlingen er mee aan de slag. Na het interview hebben de kinderen de korte antwoorden op de computer uitgewerkt. Het eerste groepje kwam op het idee een koptelefoontje op te zetten, nadeel is wel dat er dan maar 1 tegelijk kon luisteren. Laat ik nu net in de leskist een splittertje hebben… probleem opgelost en een leuke samenwerking tussen 2 leerlingen.

Natuurknap
Een experimentopdracht met een laptop en een digitale microscoop. Een hele korte instructie hoe een microscoop werkt en daarna zelf aan de slag. De meest vreemde zaken werden onder de microscoop gelegd. Zo blijkt een gladde potlood punt opeens niet zo glad te zijn! Of lijkt een stukje bubbeltjesplastic op een kleine kwal. Met het softwareprogramma konden de leerlingen foto’s en filmpjes maken, binnenkort hoop ik er een aantal online te kunnen zetten.

Beeldknap
De eerste 2 leerlingen mochten met een laptop en een kleine documentcamera (die het natuurlijk in eerste instantie niet wilde doen, gelukkig was de keuze voor een andere USB-poort de oplossing) een eigen gekozen prentenboek ‘fotograferen’. Heel toepasselijk kozen ze voor een boekje van Sinterklaas. De foto’s werden in powerpoint geplakt, hier was even hulp voor nodig maar na 2 keer voordoen konden ze zelf een nieuwe dia maken, een foto kiezen en die in de dia plakken. Vervolgens konden ze onder iedere foto een stukje tekst schrijven. Het resultaat is nog niet klaar, ze mogen het deze week nog afmaken. Uiteraard wordt het dan ook op de site gepubliceerd.

Andere groepjes gingen daarna met de documentcamera en lego een korte animatie maken. Grappig om te zien dat het ene groepje koos voor weinig lego en veel foto’s en een ander voor veel overleg, heel veel bouwen en heel weinig foto’s. Leuk leermoment voor de leerkracht om hierin misschien iets bij te sturen om voor voldoende digitaal materiaal te zorgen. Deze groepen moeten nog met powerpoint aan de slag om van de foto’s een animatie te maken.

Mindmappen
Op alle laptops in de leskisten is standaard iMindmap geïnstalleerd. Met 2 leerlingen ben ik aan de slag gegaan om dit eens in de praktijk uit te proberen. Hierbij heb ik ook heel kort uitgelegd hoe het programma werkt, na drie kwartier hadden ze een leuke mindmap gemaakt. In het proces van maken, werd er veel uitgeprobeerd en hoefde ik maar een aantal functies even toe te lichten.

Skoolmate
In de beeld- en taalknap leskisten zijn 2 Skoolmates opgenomen. Als start heb ik 2 leerlingen laten werken met de software van onze schrijfmethode (Novoscript). Heel bijzonder vonden ze natuurlijk dat je op het scherm kon schrijven en dat het scherm kantelt als je de Skoolmate draait. Het duurde ook even voordat er echt met de Skoolmates werd gewerkt maar dat was ook maar even bijzaak. Conclusie: schrijven moesten we meer gaan doen op de Skoolmate!

Na 2 dagen met de leskisten experimenteren heb ik eindelijk een beeld hoe de leerlingen met voor hun onbekend materiaal aan de slag kunnen gaan. De instructie kan kort zijn. Ik heb nu een beeld wat ik wel en niet op een leskaart en/of handleiding moet plaatsen om snel en effectief met de kisten aan de slag te kunnen gaan. Deze week moet ik nog met de leerlingen verder aan de slag om de producten af te ronden. In januari 2011 herhaal ik hetzelfde proces maar dan met de leerkrachten.

De leerlingen hebben 2 dagen genoten van alle nieuwe leuke ICT-spulletjes en vonden ook dat we dat veel vaker moesten doen. Inmiddels heb ik in mijn eigen klas twee leskisten (taal- en beeldknap) staan die komende maand nog verder bekeken gaan worden. Met het team gaan we daarna eens bedenken hoe we de kisten ook in de andere klassen introduceren.

De kleur van verandering

Vanuit de master Leren en innoveren heb ik kennis gemaakt met ‘Leren veranderen‘ van de De Caluwé & Vermaak. Het boek wordt gebruikt in veranderingstrajecten binnen organisaties. De Caluwé en Vermaak beschrijven in ‘Leren veranderen’ vijf kleuren en vijf daarmee verbonden strategieën voor veranderen.  Volgens de auteurs kunnen mensen die bezig zijn met organisatieverandering heel verschillend tegen verandering aan kijken. Afhankelijk van de kleur die iemand daaraan geeft, krijgt verandering een andere betekenis. De onderstaande beschrijving komt van een samenvatting van M. Coun.

Geeldrukdenken: is gebaseerd op opvattingen over organisaties waarbij belangen, conflicten, en macht een belangrijke rol spelen. Dit denken veronderstelt dat mensen pas zullen veranderen als je rekening houdt men hun (eigen) belang. Veranderingen zijn er daarom op gericht om de neuzen dezelfde kant op te krijgen door het bijeenbrengen van belangen, machtsvorming en het oplossen van conflicten en tegenstrijdigheden. Deze kleur past goed in veranderingstrajecten waarbij complexe doelen of effecten moeten worden gehaald.

Blauwdrukdenken: is gebaseerd op het rationeel ontwerpen en implementeren van veranderingen. Bij deze manier van denken wordt verondersteld dat mensen of zaken zullen veranderen als je alle stappen in een van te voren in plan vastlegt inclusief het eindresultaat en dit minutieus volgt en uitvoert. Veranderen wordt beschouwd als een rationeel proces gericht op de beste oplossing. Dit denken is goed in te passen in veranderingstrajecten waarbij resultaat en de weg er naar toe goed te beschrijven en te voorspellen zijn.

Rooddrukdenken: vindt zijn wortels in het Human Relations- denken (Mayo, McGregor). Men gaat uit van het beste uit mensen te halen en om deze talenten ook te ontwikkelen. Veranderen is het op de juiste manier aanspreken en prikkelen van mensen. Het gaat om veranderen van de ‘zachte’ aspecten van de organisatie; zachte aspecten zijn: personeel, managementstijl, talenten en competenties. Door mensen op de juiste wijze te belonen of te straffen veranderen ze.

Groendrukdenken: is gelieerd aan de action-learningtheorieën (Kolb, Argyris, Schön) en het denken over de lerende organisatie (Senge). Bij dit soort denken liggen veranderen en leren dicht bij elkaar: mensen kun je veranderen of in beweging krijgen door ze te motiveren om te leren of door ze bewust onbekwaam te maken. Vervolgens worden ze in leersituaties gebracht en wordt geprobeerd het lerend vermogen te vergroten.

Witdrukdenken: is gekoppeld aan de ideeën over de chaostheorie en de theorie van de complexiteit. Een centraal begrip is zelforganisatie. Het achterliggende denken is dat alles (ook) vanzelf verandert en dat verandering een permanent proces is. Panta rhei. Het dominante beeld is dat alles in verandering is; stabiliteit is de uitzondering. Beïnvloeding van buiten is slechts beperkt mogelijk; alleen als het gewild wordt door diegene die verandert. Verandering vindt altijd autonoom plaats.

Tabel: Veronderstellingen over veranderen achter het vijfkleuren-denken (vrij naar tabel 3.1: De Caluwé & Vermaak, 2002: 49)

Uit de Puntentest bleek dat ik voornamelijk een groen- en witdrukdenker ben. Daarnaast kwam er ook uit dat het geel- en blauwdrukdenken bij mij niet aanwezig was. De vraag is natuurlijk wat ik hieraan heb. Voor mezelf maakt het duidelijk hoe ik in een verandering sta. Daarbij maakt het mij ook duidelijk waarom mensen in veranderingen anders reageren dan ik van te voren misschien had bedacht. Iedereen heeft een eigen kleur van denken, dit kan dus een conflict geven met mijn kleur. Tenslotte vraagt niet iedere verandering om een wit- of groendrukdenken. Sommige veranderingen kunnen beter plaatsen vinden via een rood- of misschien wel een geeldrukdenken. En in dat geval pas ik in dat soort verandertrajecten minder.

Binnenkort wil ik met het team de Puntentest (helaas mag ik die niet verder verspreiden) afnemen en bekijken welke kleuren er binnen het team aanwezig zijn. Volgens De Caluwe is het raadzaam alle kleuren binnen het team te hebben. De dialoog tussen de kleuren vergroot de  kennis en inzicht en kan leiden tot een meeromvattende begrip van de situatie. Ik heb wel een vermoeden wie welke kleur heeft, ik hoop dat de test mij meer duidelijkheid zal geven.

Bronnen: Verandermanagement in geuren en kleuren (A.F.A Korsten), Denken over veranderen in vijf kleuren (De Caluwé)

Tabel: Veronderstellingen over veranderen achter het vijfkleuren-denken (vrij naar tabel 3.1: De Caluwé & Vermaak, 2002: 49)
Kleurendruk
Beeld
Verandering wordt gerealiseerd door
Geel
Politiek, macht
-belangen bij elkaar brengen
-dwingen tot innemen van standpunten
-coalitievorming, creëren van win-win-situaties
-neuzen dezelfde kant oprichten
Blauw
Planning, ontwerp en controle
-van tevoren formuleren van duidelijk resultaat, doel
-maken van stappenplan van A naar B
-monitoren van de stappen en bijsturen
-stabiliteit en beheersing
reduceren van complexiteit
Rood
Human Relations, persoonlijke groei
-prikkelen van mensen
-het motiveren, belonen van mensen met behulp van HRM-instrumenten
Groen
Leren en ontwikkeling
-bewust maken van nieuwe invalshoeken, eigen tekortkomingen
-motiveren om nieuwe dingen te zien/leren/kunnen; creëren van gezamenlijke leersituaties
Wit
Spontane processen, zelforganisatie
-wegnemen van eventuele blokkades en optimaliseren van conflicten
-dynamiek en complexiteit zien en kunnen duiden
-de energie van de mensen de ruimte geven
-uitgaan van de wil en de wens van de mens die zelf betekenis toevoegt
-gebruiken van rituelen en symbolen

Ambitie ICT

Dit jaar zijn we met het team van de school een gezamenlijke visie ICT en onderwijs aan het opstellen. In 2 sessies heeft het team nu al vastgesteld waar we als school de komende jaren aan willen werken en zijn er een flink aantal punten opgenoemd voor de visie. Nu is het zaak de visie duidelijk op papier te zetten en aan het team voor te leggen. Uiteraard zal komend jaar hier en daar nog wat bijgeschaafd moeten worden, zeker als het collectief onderzoek ICT en onderwijs van start gaat.

Het collectief onderzoek loopt naast het vast te stellen van de visie. In het onderzoek gaat het team aan de slag met problemen die zij hebben met ICT en onderwijs. Er zijn drie hoofdproblemen onderkend:

  • Het gebruik van ICT binnen de zorg
  • Leerlijnen ICT voor leerlingen
  • ICT en het klassenmanagement

Zorg neemt een belangrijke plaats in binnen school alleen wordt er volgens het team nog te weinig gebruik gemaakt van ICT. Een werkgroep zal komend jaar onderzoek gaan doen hoe ICT voor zorgleerlingen is te gebruiken. Uiteraard wordt eerst onderzocht wat er in de literatuur bekend is met het gebruik van moderne hulpmiddelen voor zorgleerlingen (modus 1 onderzoek). Daarna kan er gericht gezocht worden hoe ICT is in te zetten en welke middelen daarvoor geschikt zijn. Mogelijk kan er dit jaar ook nog in of buiten de klas een actieonderzoek gestart worden waarin bepaalde hulpmiddelen daadwerkelijk gebruikt zullen gaan worden. De werkgroep zal zich in eerste beperken tot rekenen en/of taal.

Een tweede werkgroep richt zich op de leerlijnen ICT voor de leerlingen. In het verleden heb ik hier al een poging voor gedaan echter hier is niets mee gedaan. De groep zal ook weer eerst vanuit de literatuur onderzoek gaan doen voordat er daadwerkelijk een leerlijn vastgesteld zal worden. Het doel is om aan het eind van het schooljaar een leerlijn te hebben waarmee de leerkrachten en leerlingen gericht mee aan de slag kunnen in de klas.

De laatste werkgroep zal aan de slag gaan met het door het team belangrijkste voorgelegde probleem. Op school werken we met vrij strakke roosters en klassikaal onderwijs. In iedere groep hangt een digibord en staan 4 of 5 computers voor de leerlingen. De inzet van de computers wordt door de leerkrachten als lastig ervaren. Niet alle leerlingen komen aan bod binnen de tijd van een vak. De werkgroep zal zich eerst oriënteren op mogelijkheden die er zijn om ICT optimaal in te kunnen zetten in de klas. Daarna gaat men in de klas zelf uitproberen wat wel en niet werkt.

De bedoeling is dat tijdens vergaderingen resultaten gedeeld worden. Zo blijft het hele team op de hoogte wat er speelt in de werkgroepen en kan men reageren op de onderzoeken. Het delen is erg belangrijk, op deze wijze krijgt ICT in het onderwijs meer draagvlak. Mijn rol zal voornamelijk liggen in het sturen van de werkgroepen en eventueel coachen. Daarnaast probeer ik door TPACK te gebruiken te achterhalen wat de opbrengsten van dit collectieve onderzoek zijn.

De volgende keer zal ik meer over de ambitie vertellen en de onderzoeksvragen die binnen de werkgroepen onderzocht worden.